Dag 13 – Akagera National Park (zaterdag 12 augustus)

Vandaag begint de dag al vroeg. Om 05:10 gaat de wekker en om 05:45 stappen we in de auto op weg naar Akagera National Park! Tijdens de rit die ongeveer 2,5 uur duurt, benut bijna iedereen zijn tijd nuttig door nog even te gaan slapen.

Dan komen we aan bij het park. Het is iets na achten, dus we hebben alle tijd om het park te bezoeken. Als we de receptie voorbij zijn, duurt het niet lang voordat we de eerste dieren spotten. Langs de weg zit de eerste kudde bavianen, en niet veel later ook apen. We zijn allemaal heel erg enthousiast en maken stapels foto’s. We rijden verder en zien al snel ook de eerste impala’s, die we vandaag nog veel vaker tegen zullen komen. Dan ineens stopt onze chauffeur, Polycarpe, en wijst naar het water. Dan zien we het: in het water vlakbij de kant liggen 10 tot 15 nijlpaarden.

Dan komen we aan bij het stuk waar niet zo veel dieren zitten. We zien een visarend en een paar kraanvogels, maar niet veel meer. Dan ineens schrikken we allemaal. Vlak voor ons steken twee everzwijntjes over. We roepen allemaal tegelijk: Pumba! De rest van de rit zeggen we geen everzwijn meer, maar Pumba. Zelfs Polycarpe zegt het!

Als we weer doorrijden zien we ineens heel veel rook voor ons in de lucht. We vragen Polycarpe wat het is (hij is namelijk al meer dan 45 keer in het park geweest), waarnaar hij antwoordt dat het een stuk natuur is uit het park dat gecontroleerd in brand is gestoken. Dit maakt de grond vruchtbaar en dit is goed zo vlak voor het regenseizoen. Als we langs de verbrande stukken rijden schrikken we wel heel erg. Ook op de heuvel naast ons zien we vuur. Maar als we verder rijden wordt het alleen maar erger. Op een gegeven moment moeten we zelfs even stoppen omdat het vuur de weg over is gegaan (we denken dat dit niet de bedoeling was). Als we stilstaan, zien we de mensen die het vuur onder controle moeten houden driftig met takken het vuur uit proberen te maken. Het vuur verspreidt zich hier alleen veel te snel voor.

Dan rijden we verder. Nadat we door een wolk van dichte rook zijn gereden, wordt het een stuk beter. We zien nog wel wat verbrande stukken, maar veel minder. Ook zien we weer dieren. We zien nog veel meer impala’s, verschillende soorten antilopen, apen en meer Pumba’s.

We komen we aan bij het nijlpaardenstrand. Hier liggen de nijlpaarden heel dichtbij en sommige staan zelf op de kant. Nadat we opnieuw vele foto’s hebben gemaakt nemen we hier een pauze om te lunchen.

Als we weer doorrijden zien verscheidene buffels en ook de zebra’s zijn niet te missen. We hebben het er in de auto over, terwijl we een gebied naderen waar veel giraffen zouden moeten zitten, dat we graag een giraf willen zien. Dan ineens zien we een giraf!

Langzamerhand naderen we het einde van het park. We hebben het erover dat we het jammer vinden geen leeuw en olifant gezien te hebben. We komen tot de conclusie dat we het liefst een olifant willen zien en gaan hier heel erg op hopen. Dit heeft tenslotte bij de giraf ook geholpen. En dan, 5 minuten voordat het park verlaten, stoppen we ineens. Heel erg in de verte zien we een olifant lopen! We stappen allemaal uit en maken wederom vele foto’s, want we hadden eigenlijk niet verwacht een olifant te zien. Onze hoop om nog een leeuw te zien komt helaas niet meer uit.

We rijden terug naar Kigali waar we dineren. Daarna hebben we als dag afsluiting een terugblik op de reis, omdat deze helaas al weer bijna om is. We gaan op tijd slapen, want het was een welbewogen dag!

 

Tamar

Advertenties

Dag 12 – Homevisit deel 3 (vrijdag 11 augustus)

In Nederland: 8 uur ontbijt. 9 uur opgehaald worden. In Rwanda: kwart over 8 ontbijten en om 10 uur opgehaald worden, vanwege een miscommunicatie. Het ontbijt was enorm karig vergeleken bij de lunch en het avondeten van gisteren. Desondanks genieten we van het weer met zn allen zijn.

Vandaag is het tijd voor de huisbezoeken. We zien de jongeren die bij AMU in Kigali, op de hoofdlocatie, zitten en we gaan in tweetallen met ze mee. Ik ga samen met Denise, Fleur en Tamar gaan samen en Cynthia en Elize. Samen met Denise loop ik mee met Eric, een jongen van 18 jaar. Onderweg naar zijn huis praten we al honderduit over vanalles en nogwat. Hij kan redelijk engels, en met een beetje heen en weer gevraag en zinnen anders zeggen komen we er samen uit. De wijk waar we doorheen lopen ligt tussen de twee wegen waar we normaal over rijden. Het is een enorm arme wijk, waarin de huizen gemaakt zijn van klei en golfplaten.

 

Eric woont samen met zijn moeder Lydia in een piep –maar dan ook echt piep-klein huisje midden in zo’n arme wijk. Zijn moeder staat ons al op te wachten en heet ons hartelijk welkom. Ze ziet er heel oud uit, maar haar ogen glimmen van blijdschap dat we er zijn. De ‘ woonkamer’ is een ruimte van 2 bij 2 (als het niet nog kleiner is) waarin 4 stoelen en een lage tafel staan. De ‘slaapkamer’ bestaat uit een bed wat nét iets groter is dan een eenpersoonsbed, een kastje met potten/pannen/etenswaren en nog een stapel kleren en andere spullen. Het is denk ik het kleinste huis wat ik ooit heb gezien.

Eric heeft nog 2 oudere broers en een oudere zus, die getrouwd zijn of in het leger zitten. Ze zijn allemaal al in de 30 of eind 30. Later horen we dat zijn moeder eigenlijk zijn tante is, maar dat zijn moeder is overleden door ziekte en dat hij dus door zijn tante geadopteerd is. Dat wat hij zus en broers noemt zijn dus zijn neven en nicht. Dit verklaart ook meteen waarom de vrouw er zo oud uitziet. Eric zelf ziet er veel jonger dan 18 uit, en dat komt waarschijnlijk omdat hij, toen hij nog maar 2 maanden oud was, in kritieke toestand lag. Hij was zo ziek dat de doktoren hem niet meer een kans gaven. Toch is hij er uiteindelijk bovenop gekomen en kan hij nu een gelukkig leven leiden, zeker met de hulp van AMU.

 

We gaan eerst samen de bonen uitzoeken. Denise en ik zijn verbaasd over hoe mooi de bonen eruit zien! Ze hebben allerlei verschillende kleuren en patronen en dat is zo cool! We willen allebei nog naar een markt om bonen te kopen en in een pot te doen. Na het uitzoeken gaan we ze wassen en daarna gaan ze op het vuur.

Al gauw komen Artse, Lydia en Gerlinda op bezoek, want die gaan naar alle 3 de gezinnen toe. Met 9 mensen op vier vierkante meter, erg knus! Moeder Lydia gaat gewoon door met het koken, nu maakt ze cassavebladeren klaar. Volgens (begeleider) Lydia zit daar heel veel ijzer in, dus dat is fijn!

Er komen heel veel lieve kindjes over de vloer, die allemaal op de foto willen en heel erg verbaasd zijn over hoe wij, als Mzungus eruit zien. Normaal lopen de blanken gewoon langs, maar nu kunnen ze met ze praten en lachen en aanraken. Hier maken ze dankbaar gebruik van. Ze aaien ons de hele tijd, alsof ze willen kijken of we wel echt zijn, of dat dat velletje eraf kan en dat er dan een zwarte huid onder zit. Het geeft een heel bijzonder gevoel. Er zijn 2 meisjes door wie ik echt geraakt was. 1 meisje heette Karabo (betekenis: Bloem) en zij was heel erg schattig, en ook waarschijnlijk ziek. Ze was de hele tijd aan het hoesten en ze had een snotneus en kapotte lippen. Een ander meisje was heel lief aan het zingen in het Frans en ze was helemaal geobsedeerd door mijn ringen. Als ze er aan het eind van het bezoek nog geweest zou zijn dan had ik haar sowieso de ring gegeven.

Nadat de 3 volwassenen weer weg zijn gaan Eric, Denise en ik naar de markt toe. We nemen (maar) 5000 mee, en kopen daarvan: 2 kilo bananen, 5 tomaten, 2 kilo aardappelen, 1 liter olie (die al 1700 kostte), een boterhamzakje vol rijst en een half boterhamzakje meel voor. Ik vind het best wel goedkoop. We willen nog een stukje over de markt lopen, waar we weliswaar aangestaard worden, maar we ons ook heel welkom voelen. Het is een gekke combinatie, maar we kijken onze ogen uit. De olie wordt hier gewoon verkocht in de waterflesjes die wij in de winkel kopen, en soms zelfs in boterhamzakjes. Overal lopen kippen, zowel los en vast.

 

Als we weer in het huisje zijn in het tijd om te koken. Moeder schilt de aardappels, Denise en Eric snijden ze in reepjes. Ik help niet mee met snijden want Irene en een mes is niet meer veilig. Het duurt eigenlijk heel erg lang voordat we daadwerkelijk gaan eten, maar dat is niet zo heel erg want we vermaken ons opperbest met Eric, zijn moeder, en de kids die in en uit lopen.

We besluiten om vast de cadeaus te geven. We hebben een kaart met een fiets vol bloemen waar we iets op geschreven hebben als bedankje. Alleen al met de kaart zijn ze heel blij. Ook hebben we nog een molentje en een glazen sneeuw-bol met een molen voor ze meegenomen. Ze vindt het helemaal geweldig. Als denise laat zien dat het gaat sneeuwen als je de bol omdraait is ze helemaal verbaasd en enthousiast! Het is zo aandoenlijk om te zien! Ook met de stroopwafels zijn ze heel blij. Eerst worden ze weggezet, maar toen we haar vertelde dat je er niks mee hoeft te doen (niet klaarmaken met bakken of koken of iets dergelijks), wilden ze allebei toch proeven. “bon! bon!” Het heeft hele leuke foto’s opgeleverd.

De lunch is super uitgebreid en bestaat uit gefrituurde aardappels, gefrituurde banaan, cassavebladeren, bonen met tomaten, rijst en frisdrank. Denise vraagt of ze vaker zoveel verschillende dingen eten, maar Eric antwoordt dat hij normaal alleen rijst en bonen eet. Na het eten bidt de moeder voor ons, en wat Eric ons vertaalt is echt zo ontzettend lief! Ze bidt dat ze ooit genoeg geld mag hebben om een groter huis te bewonen, zodat wij kunnen blijven slapen. Het is zo’n lief gebaar van haar! We voelen ons hierdoor nog meer welkom. Ik zie de lichtjes in haar ogen als ze ziet hoe leuk we het vinden wat ze gezegd heeft. Het is een heel bijzonder moment.

 

Na het eten vragen we of we de afwas kunnen doen, en dat vindt ze heel gek, maar ook lief van ons. Dan vragen we hoe laat we eigenlijk weer terug moeten. Eric vraagt ons hoe laat het is. het is op dat moment 3 uur. We zien hem schrikken, want we moesten om 2 uur al terug zijn. om kwart voor 4 zijn we eindelijk terug bij het guesthouse, waar iedereen super ongerust was. Ik had mn telefoon op vliegtuigstand en Denise had niet opgenomen… Sorry groepsgenoten&leiding!

Als we ons even opgefrist hebben gaan we met zn allen naar het centrum om souvenirs te kopen. Wat een belevenis was dat! Al onderweg zien we een ander deel van de stad, een rijker gedeelte dan waar wij zitten. We rijden langs het huis van de president (zwaarbewaakt) en langs het hotel uit de film Hotel Rwanda.

De souvenirshop is ongeveer even groot als een gemiddelde kledingwinkel en bestaat uit allemaal kleine kraampjes die helemaal volgestouwd zijn met voornamelijk dezelfde dingen. De mensen zijn een beetje opdringerig, maar op een andere manier dan gisteren. Ergens zou je het ook als behulpzaam kunnen zien omdat wanneer je iets in een andere kleur of formaat wil, ze dat meteen voor je gaan fixen door het van een andere kraam te pakken. We zijn uiteindelijk met zn allen (behalve Artse) ruim 3 uur in de winkel geweest. Het was heel erg vermoeiend maar ook heel erg leuk. Lydia heeft ons allemaal geholpen met afdingen. Eigenlijk heeft zij alles gedaan, want ze vragen hier veel te hoge prijzen. Ik ben echt heel erg blij met alles wat ik heb gekocht.

(&met wat er daarna gebeurde en nu nog een geheimpje blijft J)

’s avonds hebben we een lekker diner en daarna een goede afsluiting samen. We proberen met behulp van 1 zelfgekozen ansichtkaart te vertellen wat onze ervaring/gevoel van de dag was. Op mijn kaartje stond: geven om elkaar. Ik vond het echt een hele gave dag, waarvan ik heel erg heb genoten!

 

Irene en Denise

Dag 12 – Homevisit deel 2 (vrijdag 11 augustus)

Wij gaan mee met een zus en broer. We lopen we hen mee naar hun kleine huisje. Daar aangekomen gaan we meteen op weg naar kleine shops, om boodschappen te doen voor het avondeten. Deze mensen zijn bekend bij Mwana Ukundwa, en om geld te besparen gaan ze naar shops in plaats van de markt. We halen zoete aardappelen, kool, tomaten, rijst en kolen. Dan gaan we weer terug naar hun huis.

Onderweg vertellen ze ons allemaal dingen over hun leven. Zo vertellen ze dat ze nog drie zusjes hebben en dat hun vader vijf jaar geleden is overleden. Ook vertellen ze dat zij later graag haar eigen shop wil openen en dat hij graag iets met ICT wil gaan doen.

Als we weer bij hun huis aankomen, mogen we helpen met koken. Het is nog best lastig, omdat ze andere messen gebruiken dan wij in Nederland. Het is wel leuk dit te proberen!

Om half twee gaan we lunchen. We hebben gekookte zoete aardappelen, rijst en een mengsel van kool, tomaat, paprika en wat knoflook. Het is erg lekker!

Dan is het helaas al weer tijd terug te gaan. We bedanken het gezin heel erg en wensen ze alle goeds toe voor de toekomst. Als we ook de cadeautjes hebben gegeven lopen we terug naar het guesthouse.

 

Fleur en Tamar

Dag 12 – Homevisit deel 1 (vrijdag 11 augustus)

Ons gastgezin bestaat uit moeder (Valentine), dochter (Providence van 19 jaar), zoon (Jean de la Croix van 17 jaar) en geadopteerde zoon (Blaise van 17 jaar).

Na een stukje te hebben gelopen komen we aan bij het huis van Jean de la Croix. We worden hartelijk gegroet met een dikke knuffel en drie smakken op onze wangen door de moeder van Croix. Wat een warme groet van haar! Providence geeft ook een brede lach en een knuffel.

Als we binnen komen gaat Valentine voor ons zingen. Ze prijst God en dankt Hem voor ons bezoek. Super mooi! Daarna worden we rondgeleid en krijgen we van haar een katoenen doek om om te doen. Ondertussen zegt ze de hele tijd hoe blij ze is en dankt ze God. Zo veel liefde naar God en naar de medemens hebben wij bijna nog nooit gezien.

Valentine laat een paar foto’s zien van haar kinderen en van haarzelf. Je ziet aan haar gezicht en haar gelach hoe trots ze is op haar familie. Als ze begint met het koken van de lunch, mogen wij helpen met aardappelen te schillen. Met z’n 4en zitten we in één vierkante meter om een doek met de aardappelen erop. Gezellig lekker kletsen en niemand heeft in zijn vinger gesneden.

Ze vragen of we spaghetti en frietjes lekker vinden. Wij reageren heel enthousiast, met als gevolg dat we samen met de kinderen op weg gaan naar een plaatselijk winkeltje. Hier halen we Fussili en we lopen weer terug.

Terug in huis laten we foto’s van ons leven zien. Valentine zet een schaal met lekkere gebrande nootjes op tafel. Terwijl we praten en nootjes eten, komen Artse, Gerlinda en Lydia binnen. Ook zij worden hartelijk welkom geheten met een lied en met een gebed. Hierna wordt er een nieuwe schaal met gebrande nootjes op tafel gezet. Ze vragen wat we bij de lunch willen drinken. Vervolgens gaan wij met Providence, Croix, Blaise en Gerlinda het ophalen bij een ander winkeltje.

We komen weer terug en het eten wordt klaargezet. Met een heleboel mensen zijn we in hun woonkamertje gepropt. Ook is er een buurjongen en buurmeisje langsgekomen. Die eten ook mee. Omdat er niet genoeg ruimte is, eten een paar van de kinderen buiten bij de keuken.

Na het eten merkt Lydia op dat het al 2 uur is geweest en dat we terug moeten. Valentine gaat enthousiast met ons in een kring staan en Providence vraagt of ik (Cynthia) voor wil bidden, om af te sluiten. Hoewel ik hier een beetje nerveus van word, doe ik het toch voor hen. We danken God voor deze warme familie. We nemen afscheid, maar Valentine, Croix, Providence en het jonge buurmeisje lopen nog met ons mee naar ons guesthouse. Hier nemen we dan echt afscheid.

We zijn al even binnen, wanneer ik (Elize) verschrikt een klein tasje uit mijn rugtas haal. We zijn onze cadeaus vergeten! We raken even in paniek en we vragen Artse wat we moeten doen. Hij zegt dat we er misschien nog achteraan kunnen. Snel hollen we de straat op met het cadeautasje, op onze slippers. Ons hardlopen wordt zelfs aangemoedigd door een groepje jongens dat we passeren. We komen bij een punt waar we zowel rechts als rechtdoor kunnen. We kiezen ervoor om rechtsaf te gaan en rennen nog een stukje door, maar we worden moe en we zien het gezin nog steeds niet. We lopen langzamer en twijfelen of we wel de juiste weg hebben gekozen. Teleurgesteld keren we terug naar het guesthouse, met het tasje nog in de hand.

Gelukkig heeft Henry (de chauffeur) de contactgegevens van de familie, en hij belt hen op. We kunnen het tasje alsnog afgeven! Wanneer we naar de stad rijden, staat Valentine aan de hoofdweg te wachten. We stappen uit en weer geeft ze iedereen een liefdevolle knuffel. Cynthia overhandigt het tasje met de cadeaus. Valentine kijkt zo blij. Dan stappen we weer in en terwijl we wegrijden, zwaaien we, tot we elkaar niet meer kunnen zien.

 

Cynthia & Elize

Dag 11 – Papadag (donderdag 10 augustus)

Vandaag is het papadag! Lydia en Gerlinda moeten naar de begrafenis van de schoonzus van Samuel en zij zijn dus de hele dag weg. We moeten heel vroeg opstaan, omdat de taxi’s om kwart voor 7 al zouden aankomen. Normaal zijn wij (de groep meiden) niet zo goed in op tijd klaar te zijn, maar vandaag zijn we zelfs eerder bij het ontbijt dan de altijd-zo-vroege Lydia!

Met z’n allen staan we perfect om kwart voor 7 klaar. Echter komt de taxi op z’n Afrikaans; dus een uur later. Er zijn twee taxi’s, waarvan de één nog eens een kwartier later is. Samen met Fleur, Irene, Cynthia, Artse en Tamar zit ik (Elize) in de tweede taxi. Wij gaan dus zeker een kwartier later weg.
Na een poosje rijden, rijden we ineens achter de andere taxi. Eerst hebben ze helemaal niet door dat wij achter hen rijden, terwijl wij zo uitbundig zwaaien. Maar na een poosje (en door een sms’je te sturen) zien ze ons eindelijk dan en halen wij hen in.

Eerst komen we aan bij ISANO om onze achtergebleven koffers op te halen. Vervolgens rijden we naar ons laatste gastverblijf. We verblijven in vier kamers: Irene, Fleur, Tamar en Cynthia samen in een kamer, Artse en Lydia samen, Gerlinda alleen en Denise en ik samen. Vergeleken met alle andere verblijven is het hier een luxe! De lunch is super uitgebreid en ze komen het gewoon serveren. Verder zijn de bedden h-e-e-r-l-i-j-k en hebben we gewoon warm water voor het douchen! Na een poosje hier in Afrika te hebben geleefd, zijn we nu in het paradijs beland. Waar je al wel niet blij mee kan zijn!

Maar goed, het is dus papadag! Na de lunch gaan we lopend naar het zwembad. Na ongeveer 20 minuutjes lopen komen we ook langs een paar kleine winkeltjes en Artse, Denise en Irene lopen daar nog even langs. Ondertussen loopt de rest naar het zwembad. Heerlijk even zwemmen, boekje lezen of spelletje spelen. Ook een paar leuke en hilarische foto’s genomen en een hoop lol gehad!

Als het een beetje gaat schemeren, lopen we weer terug naar ons paradijsje in Afrika om lekker te douchen met warm water. Gevolgd met een super lekker diner, is onze papadag helemaal perfect afgerond!

Om ongeveer 9 uur komen Lydia en Gerlinda thuis van de begrafenis. Ze hadden bijna niks gegeten die dag, terwijl ze de hele tijd in een warme ruimte hebben gezeten. Na deze hereniging waren we weer als één familie samen en kropen we onze heerlijke bedjes is.

 

Elize en de rest

Dag 10 – Summercamp bij AMU Huye Branch (woensdag 9 augustus 2017)

— Een overvolle en drukke dag! —

Het is ongeveer 5 uur ‘s ochtend en een aantal van ons worden wakker van luid gepraat. Dit zijn de Rwandese jongeren die nu al wakker zijn. Wanneer we opstaan voor het ontbijt, komen we erachter waarom de Rwandese jongeren zo vroeg op waren. Sinds gisteren is er geen stromend water meer, dus hebben zij allemaal een kilometer gelopen op jerrycans te vullen met water uit een waterpomp. Dankzij hen zijn onze waterreserves weer aangevuld!

Na het ontbijt laten we elkaar zien hoe een kerkdienst in Nederland en in Rwanda eruit ziet. Tijdens deze toneelstukjes worden we ons heel zelfbewust van onze kerkdienst, waarbij Artse als dominee speelde. De Rwandese dienst is heel beweeglijk en dansen en zingen speelt een grote rol tijdens de dienst. Zij zijn dus ook verbaasd dat we vaak stil zijn, bijvoorbeeld wanneer de dominee in het begin de kerk in komt. Het was heel interessant en leerzaam om elkaars manier van aanbidden mee te maken.

Hierna laten de Rwandese jongeren een presentatie zien over hun cultuur. Ze laten ons een kaart zien, een traditionele dans met zang en een Rwandees bordspel: ‘Igisoro.’ Cynthia, Gerlinda en Tamar krijgen een kleine dansworkshop en hebben er veel plezier in. Gerlinda en Lydia zijn heel enthousiast over het spel Igisoro, waarbij je goed moet kunnen rekenen. In verband met tijdgebrek leren zij het spel later, na het avondeten.

Na de lunch bereiden wij ons voor op onze Nederlandse presentatie. Het haar van Denise en Irene wordt gevlochten en ze krijgen een traditioneel hoedje op, gevouwen van papier. Artse tekent de kaarten van Europa en Nederland, er wordt een Nederlandse vlag in elkaar geknutseld van een bezemsteel en T-shirts, en de Nederlandse spellen worden voorbereid. Ondertussen werkt ook het stromend water weer.

Onze presentatie begint met het Wilhelmus, terwijl we onze oranje T-shirts aan hebben en de Nederlandse vlag erbij houden. Dan komen Denise en Irene op als melkmeisjes, en ze hinkelen en fietsen. Ook laten we de oranjegekte zien tijdens een voetbalwedstrijd en tot slot demonstreren we spijkerpoepen, koekhappen, snoephappen en ezeltje prik. We laten de Rwandese jongeren meedoen en ze zijn ontzettend enthousiast. Ze vinden het zo leuk; continu komen er vrijwilligers naar voren om het eens te proberen. Zelfs het snoephappen vinden ze leuk, terwijl we dachten dat ze het toch spannend zouden vinden om met hun hoofd onderwater te gaan. De Nederlandse middag is in ieder geval een groot succes!

In de namiddag maken alle jongeren een wandeling. We worden allemaal in drie groepen opgedeeld, en ieder groepje gaat een andere kant uit. We krijgen een opdracht mee: schrijf 10 gelijkenissen en 10 verschillen tussen Rwanda en Nederland op. Gerlinda en ik wandelen per ongeluk 2 uur met ons groepje, in plaats van 1 uur. Het is zo’n gezellige wandeling! We wijzen alles aan wat hetzelfde is, maar ook wat verschillend is. Ook krijgen we tijdens deze wandeling de kans om één op één met de Rwandese jongeren te praten. Zo leren we hen beter kennen. Een jongen vertelt me over zijn vader, die overleden is en dat zijn moeder, hijzelf en zijn broer dus op elkaar aangewezen zijn. Hij vertelt over hoe hij wat geld probeert te verdienen met een baantje, zodat hij voor zijn moeder kan zorgen en over zijn goede relatie met zijn moeder. Het is erg bijzonder om deze persoonlijke verhalen te horen.

We komen terug van de wandeling en we helpen de anderen, die al begonnen zijn met koken. Ondertussen wrijven Artse, Denise en Irene het de rest in dat zij tijdens de wandeling apen hebben gezien. Elize heeft tijdens de wandeling zoveel gepraat, dat haar stem een beetje weg is.

Op kolen maken we hutspot en bakken we pannenkoeken. Helaas is er maar één koekenpan, dus Fleur biedt zich aan om tijdens het eten nog even door te bakken. Het avondeten wordt opgediend en we laten de Rwandese jongeren voor gaan om eten te pakken, omdat zij dit elke keer bij ons hebben gedaan. Ze lijken de hutspot heel lekker te vinden. Ze lopen heel snel naar voren voor een tweede ronde, sneller dan gewoonlijk. Ze zeggen dat ze het lekker vinden, en we zijn overtuigd dat dit niet alleen beleefdheid is. De grote pan is namelijk al snel leeg.

Als toetje komt Fleur de pannenkoeken met suiker rondbrengen. Nu gaat iedereen helemaal uit z’n dak. Iedereen vindt het heerlijk! Er is nog steeds beslag over en Fleur is nog het laatste beetje aan het opbakken. Dan komen een paar jongeren bij haar langs, om te vragen hoe je deze pannenkoeken maakt. Ze willen het heel graag thuis proberen.

Het einde van het zomerkamp is aangebroken. We komen nog even met z’n allen bij elkaar. We nemen de gevonden gelijkenissen en verschillen van tijdens de wandeling nog even door. Daarna gaat iedereen in een kring staan en mogen we één ding noemen wat we meenemen van dit kamp. Het verbreden van taalkennis, het leren van elkaars cultuur, hoe iemand is geïnspireerd door andermans verhaal, het verbinden van Rwandese en Nederlandse jongeren door allerlei activiteiten zoals een potje voetbal, en nog veel meer wordt er genoemd. Dan is het tijd voor afscheid. We geven elkaar cadeaus en ook wij krijgen een cadeau van hun. We krijgen een mooie groepsfoto mee. We geven elkaar een hand, een ‘chance’ (ook wel boks) of een ‘push’ (ook wel bro-hug genoemd). Na dit afscheid keren we terug naar onze kamers, pakken we onze spullen in en we gaan slapen, want de volgende ochtend zullen we vroeg op moeten.

 

Cynthia en de rest!!

Dag 9 – Summercamp (dinsdag 8 augustus)

Het is de eerste dag van summercamp. We worden wakker met zijn 6en wakker in een omgebouwde kantoor ruimte waar nu 4 stapelbedden staan. Het kamp gevoel is meteen aanwezig. De avond ervoor was Elize zo lief geweest om een aantal shirts te wassen en ik (Fleur) had de shirts te drogen gehangen buiten. Deze schone shirts wouden wij natuurlijk aan doen totdat Lydia zei dat er wel eens eitjes in konden zitten van de larven vlieg. Als die eitjes uitkomen kruipen deze onder je huid en eten zich weer naar buiten. Hierna durfde wij de shirts niet meer aan te doen.

Nadat wij ons hebben aangekleed gaan wij lekker ontbijten en langzaamaan komen ook de Rwandese jongeren binnen lopen. Na het ontbijt maken wij kennis en verdelen wij ons in 2 groepen. We leren van elkaar verschillende woorden en moeten deze op de juiste manier leren uitspreken. Hierbij word veel gelachen omdat het niet altijd even soepel gaat. Daarna krijgen wij verschillende onderwerpen mee om over te discussiëren. Het was interessant om  te horen hoe het bij de Rwandese jongeren eraan toe gaat in de familie, kerk, samenleving en het vinden van een baan. Het verschil tussen hoe het er bij ons aan toe gaat en hier is vrij groot.

De ochtend vliegt voorbij en het is alweer tijd voor lunch. Na een heerlijke warme maaltijd gaan Fleur, Irene en Janny naar de supermarkt om wat boodschappen te doen voor de volgende dag. Ondertussen gaat de rest van de groep naar het dal toe om te voetballen. Het is een flinke wandeling en een warming-up is niet meer nodig. De 2 teams die in de ochtend al waren gevormd spelen 2x 45 minuten voetbal met elkaar. Er komen steeds meer supporters uit de buurt kijken. Muzungu`s (blanken) zie je niet veel in de omgeving, dus de mensen uit de buurt vonden het wel interessant.

Na 90 minuten is iedereen moe en bezweet en gaan wij weer de weg omhoog naar het kamp. Nadat iedereen zich heeft opgefrist, wat lastig gaat aangezien er geen stromend water is, is het alweer tijd om te eten. Na het eten is het tijd om onze Nederlandse avond voor de volgende dag voor te bereiden. De Rwandese jonger doen het zelfde op hun slaapzaal. Na veel suggesties en gelach hebben wij het grootste deel van de avond in elkaar gezet. Iedereen is moe en het is tijd om onze bedden op te zoeken.